Overwegende dat raadslid Jeroen Ooms namens de Gemeentebelangen+-fractie een amendement indient dat ertoe strekt om artikel 2 van het besluit te vervangen als volgt:
‘Art. 2.- De belasting wordt vastgesteld op 7 % van het overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.’;
Gelet op de stemming over het amendement, hetwelk met 19 neen-stemmen, 2 onthoudingen en 2 ja-stemmen wordt verworpen (neen-stemmen: Jan Boeckx, Dorien Cuylaerts, Nathalie Cuylaerts, Peter Janssens, Bob Van den Eijnden, Lieven Van Nyen, Bert Vangenechten, Stefan Maes, Karl Geens, Luc Jansen, Liese Vermeiren, Wim De Visscher, Bart Van De Mierop, Danny Eelen, Johan Sysmans, Hans Van Loon, Leslie Haems, Chris Peeters, Eddy Stoffelen; onthoudingen: Diede Van Dun, Rudi Vervoort; ja-stemmen: Jeroen Ooms, Eric Vermeiren);
Gelet op de stemming over de hoofdvraag, dewelke met 21 ja-stemmen en 2 onthoudingen wordt aangenomen (ja-stemmen: Jan Boeckx, Dorien Cuylaerts, Nathalie Cuylaerts, Peter Janssens, Bob Van den Eijnden, Lieven Van Nyen, Bert Vangenechten, Stefan Maes, Karl Geens, Luc Jansen, Liese Vermeiren, Wim De Visscher, Bart Van De Mierop, Danny Eelen, Johan Sysmans, Hans Van Loon, Diede Van Dun, Rudi Vervoort, Leslie Haems, Chris Peeters, Eddy Stoffelen; onthoudingen: Jeroen Ooms, Eric Vermeiren);
Art. 1.- Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt een aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het aanslagjaar.
Art. 2.- De belasting wordt vastgesteld op 7,4 % van het overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.
Art. 3.- De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting zullen door het toedoen van het bestuur der directe belastingen geschieden, overeenkomstig de bepalingen vervat in de artikelen 466 e.v. van het wetboek van de inkomstenbelastingen.
Art. 4.- Dit besluit zal worden bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 286, 287 en 288 van het Decreet over het Lokaal Bestuur.
Art. 5.-De toezichthoudende overheid zal op de hoogte gebracht worden van de bekendmaking van het reglement overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het Lokaal Bestuur.