Gelet op art. 173 Grondwet;
Gelet op art. 40, § 3 en 41,14° van het Decreet over het Lokaal Bestuur;
Gelet op het decreet van het Vlaams Gewest van 29 maart 2019 betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2019 betreffende de exploitatievoorwaarden voor het individueel bezoldigd personenvervoer;
Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 27 mei 2024 op het afleveren van administratieve stukken en voor de uitvoering van conformiteitsonderzoeken;
Overwegende dat het exploiteren van individueel bezoldigd personenvervoer gekoppeld wordt aan het bekomen van een vergunning; dat deze vergunning in de gemeente van uitreiking aanleiding geeft tot een jaarlijkse retributie;
Overwegende dat de bestuurder die individueel bezoldigd personenvervoer verzorgt over een bestuurderspas dient te beschikken; dat voor de aflevering van deze bestuurderspas aan de gemeente een retributie verschuldigd is;
Gelet op de bespreking;
Overwegende dat raadslid Rudi Vervoort namens de Groen Rijkevorsel-fractie een amendement indient dat ertoe strekt om de bedragen in art.4 § 1 van het besluit aan te passen als volgt:
‘Art4 §1: De jaarlijkse retributie voor de vergunning van personenvervoer bedraagt
1. voor zero-emissie voertuigen: 0 euro
2. voor alle andere voertuigen: 350 euro’;
Gelet op de stemming over het amendement, hetwelk met 19 neen-stemmen, 2 onthoudingen en 2 ja-stemmen wordt verworpen (neen-stemmen: Jan Boeckx, Dorien Cuylaerts, Nathalie Cuylaerts, Peter Janssens, Bob Van den Eijnden, Lieven Van Nyen, Bert Vangenechten, Stefan Maes, Karl Geens, Luc Jansen, Liese Vermeiren, Wim De Visscher, Bart Van De Mierop, Danny Eelen, Johan Sysmans, Hans Van Loon, Leslie Haems, Chris Peeters, Eddy Stoffelen; ja-stemmen: Diede Van Dun, Rudi Vervoort; onthouding: Jeroen Ooms, Eric Vermeiren);
Gelet op de stemming over de hoofdvraag, dewelke met eenparigheid van stemmen wordt goedgekeurd;
Art. 1.- Vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 is er een retributie verschuldigd voor:
Art. 2.- Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Art. 3.- De jaarlijkse retributie voor het uitreiken van een vergunning is verschuldigd door de exploitant, houder van de vergunning.
De retributie voor het afleveren van een bestuurderspas is verschuldigd door de aanvrager.
Art. 4.- §1. De jaarlijkse retributie voor de vergunning bedraagt:
1° € 250 voor zero-emissievoertuigen;
2° € 350 voor alle andere voertuigen.
Deze bedragen worden aangepast volgens de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand december van het jaar voorafgaand aan het belastingjaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2019.
De retributie is verschuldigd voor het hele jaar, onafhankelijk van het moment waarop de vergunning wordt afgegeven.
De vermindering van het aantal voertuigen of de opschorting van de exploitatie met een of meer voertuigen geeft geen aanleiding tot een retributieteruggave. Dit geldt eveneens voor de schorsing of de intrekking van een vergunning of het buiten werking stellen van een of meer voertuigen voor welke reden dan ook.
§2. De retributie op het afleveren van de bestuurderspas bedraagt éénmalig per aanvraag € 20.
Deze retributie wordt op 1 januari van elk jaar aangepast volgens de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand december van het jaar voorafgaand aan het belastingjaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2019.
Art. 5.- De retributie op de vergunning is verschuldigd bij de afgifte van vergunning, nadien telkens op 1 januari. Voor de jaarlijkse retributie op 1 januari zal een betalingsverzoek aan de houder van de vergunning worden toegezonden. De retributie is betaalbaar binnen de 15 kalenderdagen.
Art. 6.- Het retributiereglement wordt afgekondigd en bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 286 t.e.m. 288 van het decreet over het lokaal bestuur.
De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.