Gelet op de Grondwet, meer bepaald artikelen 41, 162 en 170, § 4;
Gelet op de Wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters, de identiteitskaarten, de vreemdelingenkaarten en de verblijfsdocumenten en tot wijziging van de Wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen;
Gelet op het Wetboek van de inkomstenbelastingen van 10 april 1992 en het Invorderingswetboek van 13 april 2019;
Gelet op het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en haar latere wijzigingen;
Gelet op het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikelen 2, 40 § 3, 41,14°, 56, § 3, 7°, 252, 285 t.e.m. 288 en 326 t.e.m. 335;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Gelet op het Koninklijk Besluit van 16 juli 1992 betreffende de bevolkingsregisters en het vreemdelingenregister;
Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones;
Gelet op de Omzendbrief BB 2008/07 van 18 juli 2008 aangaande het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;
Gelet op de Omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit van 15 februari 2019;
Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 25 november 2019 houdende de belasting op tweede verblijven;
Overwegende dat de ontvangsten zijn ingeschreven in het meerjarenplan 2026-2031 en dus noodzakelijk zijn voor het behoud van een gezonde financiële toestand van de gemeente;
Overwegende dat het belastingreglement op tweede verblijven, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 25 november 2019 voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025, vervalt op 31 december 2025; dat de gemeente wenst de belasting op tweede verblijven te hernieuwen en integraal te vervangen door dit belastingreglement op tweede verblijven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031;
Gelet op de besprekingen;
Art. 1.- Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt een jaarlijkse belasting gevestigd op tweede verblijven.
Art. 2.- Als tweede verblijf wordt beschouwd elke private woongelegenheid waarvan degene die er kan verblijven, voor deze woongelegenheid op 1 januari van het aanslagjaar niet is ingeschreven in de bevolkingsregisters van de gemeente Rijkevorsel, ongeacht het feit of het gaat om landhuizen, bungalows, appartementen, grote of kleine weekendhuizen of buitengoederen, optrekjes, chalets en alle andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van de met chalets gelijkgestelde caravans.
Art. 3.-
§1. De belasting is verschuldigd door de natuurlijke persoon of rechtspersoon die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het tweede verblijf.
Zijn belastingplicht geldt ook wanneer het tweede verblijf verhuurd wordt of door een derde feitelijk gebruikt wordt.
Zijn belastingplicht geldt niet als hij is ingeschreven in de bevolkingsregisters van de gemeente.
In geval van vruchtgebruik, recht van opstal of recht van erfpacht is de belasting verschuldigd door de vruchtgebruiker, de opstalhouder of erfpachthouder.
§2. In geval van mede-eigendom is iedere niet-vrijgestelde mede-eigenaar belastingplichtige in verhouding tot zijn wettelijk eigendomsaandeel in het tweede verblijf. Elke niet-vrijgestelde mede-eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Art. 4.- Het jaarlijkse bedrag van de belasting wordt vastgesteld op € 1.000,00 per tweede verblijf.
De belasting is ondeelbaar en voor het ganse belastingjaar verschuldigd door de belastingplichtige op 1 januari van het belastingjaar.
Art. 5.- Worden niet als tweede verblijf beschouwd:
Art. 6.-
§1.Elke belastingplichtige moet jaarlijks ten laatste op 31 maart van het aanslagjaar een aangifte indienen bij het gemeentebestuur Rijkevorsel – financiele dienst – Molenstraat 5, 2310 Rijkevorsel - op een door het gemeentebestuur voorgeschreven aangifteformulier.
§2.Een belastingplichtige die niet spontaan een aangifteformulier gekregen heeft, kan dit op eenvoudig verzoek bekomen bij het gemeentebestuur of downloaden van de gemeentelijke website. Het niet spontaan verkrijgen van een aangifteformulier ontslaat de belastingplichtige niet van de belasting.
§3.Als aangiftedatum geldt de postdatum of (bij afgifte) de datum vermeld op het ontvangstbewijs. Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.
§4.De aangifte kan via elektronische weg worden ingediend, meer bepaald per e-mail naar financien@rijkevorsel.be. In dat geval geldt de datum van de elektronische verzending als datum van indiening van de aangifte.
Art. 7.- In geval van eigendomsoverdracht in de loop van het jaar moet de nieuwe eigenaar aangifte hiervan doen binnen de maand bij het gemeentebestuur Rijkevorsel - financiële dienst op volgend adres Molenstraat 5 – 2310 Rijkevorsel of via het mailadres financien@rijkevorsel.be.
Art. 8.- Het gemeentebestuur controleert de oprechtheid van de aangiften. De belastingplichtigen zijn verplicht deze controle te vergemakkelijken. De gemeente mag de waarachtigheid van de onderschreven aangiften nagaan met al de middelen waarover zij beschikt. Daartoe aangestelde personeelsleden zijn bevoegd elke inbreuk op het huidig reglement vast te stellen en moeten daarvoor toegang krijgen tot alle plaatsen waar de belastbare feiten plaats hebben. De door hen opgestelde processen-verbaal hebben bewijskracht tot bewijs van het tegendeel.
Art. 9.-
§1. Als er geen, geen juiste of geen volledige aangifte is gedaan vanwege de belastingplichtige op de aangiftedatum vermeld in artikel 6, kan de belasting ambtshalve gevestigd worden overeenkomstig artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en haar latere wijzigingen.
§2. De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd als volgt:
met dien verstande dat een correcte en tijdige aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt, waardoor de aanslag bij de eerstvolgende overtreding met slechts 10 % wordt verhoogd.
De belastingverhoging bedraagt minimum 25 €.
Het bedrag van deze belastingverhoging wordt gelijktijdig en samen met de ambtshalve belasting ingekohierd.
Art. 10.- De belasting wordt gevestigd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het College van Burgemeester en Schepenen.
Art. 11.- De belasting moet betaald worden binnen de 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 12.- De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen zijn aanslag, een belastingverhoging of een administratieve geldboete (in voorkomend geval), een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen 3 maanden te rekenen vanaf de datum waarop de belastingplichtige het aanslagbiljet heeft ontvangen of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Het aanslagbiljet wordt geacht ontvangen te zijn op de derde werkdag die volgt op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Als het aanslagbiljet verzonden werd via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van zijn verzending. Als het bestuur en de belastingplichtige hetzelfde informatiesysteem gebruiken om berichten elektronisch uit te wisselen, wordt het aanslagbiljet geacht ontvangen te zijn op het tijdstip waarop het aanslagbiljet toegankelijk wordt voor de belastingplichtige.
Bezwaarschriften kunnen per post (Molenstraat 5, 2310 Rijkevorsel) of via elektronische weg per e-mail (financien@rijkevorsel.be) worden ingediend binnen de termijn en onder de voorwaarden zoals hierboven vermeld.
De indiening van het bezwaarschrift via elektronische weg geldt als uitdrukkelijke instemming van de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger om berichten binnen de bezwaarprocedure via die elektronische weg uit te wisselen. Als het bezwaarschrift verzonden wordt via elektronische weg, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van indiening van het bezwaar.
Het college van burgemeester en schepenen of het personeelslid dat zij speciaal daarvoor aanwijst, bericht schriftelijk ontvangst binnen vijftien dagen na de indiening van het bezwaarschrift.
Indien de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger dat in zijn bezwaarschrift heeft gevraagd, zal de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger uitgenodigd worden op een hoorzitting.
Art. 13.- Het belastingreglement wordt afgekondigd en bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 286 t.e.m. 288 van het decreet over het lokaal bestuur.
De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.
Dit besluit vervangt het besluit van de gemeenteraad van 25 november 2019 houdende de belasting op tweede verblijven en treedt in werking op 1 januari 2026.