Terug
Gepubliceerd op 08/09/2021

Besluit  Gemeenteraad

wo 01/09/2021 - 20:00

Belastingreglement op het afleveren van administratieve stukken. Vaststelling.

Aanwezig: Wim De Visscher, Voorzitter
Dorien Cuylaerts, Burgemeester
Bob Van den Eijnden, Karl Geens, Nathalie Cuylaerts, Nathalie Stoffelen, Bert Vangenechten, Schepenen
Eric Vermeiren, Lieven Van Nyen, Jack Jacobs, Stefan Maes, Diede Van Dun, Bart Van De Mierop, Zoë Wouters, Danny Eelen, Lut Backx, Kevin Druyts, Peter Janssens, Jurgen Van Leuven, Aline Maes, Sabine Fransen, Raadsleden
Bart Adams, Algemeen directeur

Gelet op de Grondwet, meer bepaald artikel 170, §4;

Gelet op de Wet van 14 maart 1968 tot opheffing van de wetten betreffende de verblijfsbelasting voor vreemdelingen, gecoördineerd op 12 oktober 1953;

Gelet op de Wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen;

Gelet op de Wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten en tot wijziging van de Wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen;

Gelet op het Consulair Wetboek van 21 december 2013, meer bepaald artikel 50-67;

Gelet op het Decreet over het Lokaal Bestuur, meer bepaald artikel 40, §3 en artikel 41, 14°, zoals gewijzigd door artikel 3 van het Decreet van 8 mei 2018 houdende wijziging van artikel 41 van het Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur, wat de verfijning van de belastingbevoegdheid van de gemeenteraad betreft;

Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018, meer bepaald artikel II, 31, tweede lid;

Gelet op de Vlaamse Codex Wonen van 2021;

Gelet op het Koninklijk besluit van 10 december 1996 betreffende de verschillende identiteitsdocumenten voor kinderen onder de twaalf jaar;

Gelet op het Koninklijk besluit van 25 maart 2003 betreffende de identiteitskaarten;

Gelet op het Koninklijk Besluit van 10 december 1996 betreffende de verschillende identiteitsdocumenten voor kinderen onder de twaalf jaar;

Gelet op het Koninklijk Besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs;

Gelet op het Koninklijk Besluit van 5 maart 2017 tot bepaling van de verblijfsvergunningen waarvoor de gemeenten retributies kunnen innen voor het vernieuwen, verlengen of vervangen ervan en tot bepaling van het maximumbedrag bedoeld in artikel 2, § 2, van de Wet van 14 maart 1968 tot opheffing van de wetten betreffende de verblijfsbelasting voor vreemdelingen, gecoördineerd op 12 oktober 1953;

Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2019 betreffende de woningkwaliteitsbewaking;

Gelet op het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;

Gelet op het Ministerieel Besluit van 20 juli 2005 tot bepaling van de betalingswijze van de retributies;

Gelet op het Ministerieel besluit van 15 maart 2013 tot vaststelling van het tarief van de vergoedingen ten laste van de gemeenten voor de uitreiking van de elektronische identiteitskaarten, de elektronische identiteitsdocumenten voor Belgische kinderen onder twaalf jaar en de kaarten en verblijfsdocumenten, afgeleverd aan vreemde onderdanen, waarvan de bijlage is gewijzigd bij Ministerieel Besluit van 27 maart 2013;

Gelet op het Ministerieel Besluit van 19 april 2014 aangaande de afgifte van paspoorten, meer bepaald artikel 2;

Gelet op de Omzendbrief BB 2008/07 van 18 juli 2008 aangaande het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;

Gelet op de Omzendbrief FOD Binnenlandse Zaken van 12 september 2017;

Gelet op de Omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit van 15 februari 2019;

Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 houdende de vestiging van een belasting op het afleveren van administratieve stukken;

Overwegende dat de relevante Vlaamse woonregelgeving vanaf 1 januari 2021 werd gecoördineerd in een ‘Vlaamse Codex Wonen’ en een globaal ‘besluit tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen’; dat het in navolging van de wijziging van de regelgeving aangewezen lijkt om het belastingreglement op het afleveren van administratieve stukken te wijzigen, in concreto de bepalingen met betrekking tot het conformiteitsattest; dat ter zake nog verwezen wordt naar het kwaliteitsbesluit, hetwelk inmiddels vervangen werd door het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;

Overwegende dat het omwille van de duidelijkheid aangewezen lijkt om het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 houdende de vestiging van een belasting op het afleveren van administratieve stukken op te heffen en te vervangen door een nieuw besluit;

Gelet op de financiële toestand van de gemeente;

Gelet op de bespreking;

Publieke stemming
Aanwezig: Wim De Visscher, Dorien Cuylaerts, Bob Van den Eijnden, Karl Geens, Nathalie Cuylaerts, Nathalie Stoffelen, Bert Vangenechten, Eric Vermeiren, Lieven Van Nyen, Jack Jacobs, Stefan Maes, Diede Van Dun, Bart Van De Mierop, Zoë Wouters, Danny Eelen, Lut Backx, Kevin Druyts, Peter Janssens, Jurgen Van Leuven, Aline Maes, Sabine Fransen, Bart Adams
Voorstanders: Wim De Visscher, Dorien Cuylaerts, Bob Van den Eijnden, Karl Geens, Nathalie Cuylaerts, Nathalie Stoffelen, Bert Vangenechten, Eric Vermeiren, Lieven Van Nyen, Jack Jacobs, Stefan Maes, Diede Van Dun, Bart Van De Mierop, Zoë Wouters, Danny Eelen, Lut Backx, Kevin Druyts, Peter Janssens, Jurgen Van Leuven, Aline Maes, Sabine Fransen
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.

Art. 1.- Het gemeenteraadsbesluit van 16 december 2019 houdende de vestiging van een belasting op het afleveren van administratieve stukken wordt opgeheven.

Art. 2.- Met ingang van heden voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt een belasting gevestigd op de aflevering van administratieve stukken. 

Art. 3.- De belasting is verschuldigd door de personen of instellingen aan wie deze stukken door de gemeente op verzoek of ambtshalve worden uitgereikt. 

Art. 4.- §1. De bedragen van de belasting worden als volgt vastgesteld:

1° voor identiteitskaarten (eiD) en vreemdelingenkaarten (EVK, uitgezonderd het vernieuwen, verlengen of vervangen van een elektronische vreemdelingenkaart A): het bedrag aangerekend door de hogere overheid, verhoogd met een bedrag van € 2;

2° voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van een elektronische vreemdelingenkaart A (maximaal éénmaal per jaar): het bedrag aangerekend door de hogere overheid, verhoogd met een bedrag van € 35;

3° voor Kids-iD (identiteitskaarten voor kinderen onder de twaalf jaar): het bedrag aangerekend door de hogere overheid;

4° voor identiteitsbewijzen voor een niet-Belgisch kind: € 2;

5° voor paspoorten voor meerderjarigen: het bedrag aangerekend door de hogere overheid, verhoogd met een bedrag van € 5;

6° voor paspoorten voor minderjarigen: het bedrag aangerekend door de hogere overheid;

7° voor voorlopige rijbewijzen (Europees): het bedrag aangerekend door de hogere overheid;

8° voor definitieve rijbewijzen (Europees): het bedrag aangerekend door de hogere overheid, verhoogd met een bedrag van € 5;

9° voor internationale rijbewijzen: het bedrag aangerekend door de hogere overheid, verhoogd met een bedrag van € 4;

10° voor verklaringen van wettelijke samenwoonst: € 5;

11° voor een bewijs bij een huwelijk: € 15;

12° voor een nieuwe PIN/PUK-code: € 5;

13° voor een token voor een niet-inwoner: € 10;

14° voor een conformiteitsattest voor een zelfstandige woning, zoals bedoeld in het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021: € 62,50;

15° voor een conformiteitsattest voor een kamerwoning, zoals bedoeld in het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021: € 62,50, verhoogd met € 12,50 per kamer, met een maximum van € 1 250. 

§2. De in paragraaf 1 vermelde bedragen worden verhoogd met de eventuele kosten die door de hogere overheid worden aangerekend voor een spoedprocedure. 

Art. 5.- Van de belasting worden vrijgesteld:

  • de eerste elektronische identiteitskaart of een verblijfsbewijs voor vreemdelingen aan een kind vanaf 12 jaar;
  • de gerechtelijke overheden, de openbare besturen en de daarmee gelijkgestelde instellingen alsook de instellingen van openbaar nut;
  • de stukken die krachtens een wet, decreet, koninklijk besluit, besluit van de Vlaamse Regering of een andere overheidsverordening kosteloos door het gemeentebestuur dienen te worden afgegeven;
  • de stukken, die aan behoeftige personen worden afgegeven, hetgeen wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk;
  • de machtigingen met betrekking tot godsdienstige of politieke demonstraties;
  • de mededeling door de politie, aan de verzekeringsmaatschappijen, van de inlichtingen omtrent het gevolg dat gegeven werd ter zake van verkeersongevallen op de openbare weg;
  • de geldigheidsverklaring van aanvraagformulieren voor vermindering op biljetten van het openbaar vervoer;
  • de bescheiden nodig voor het solliciteren voor een betrekking door werklozen (al dan niet uitkeringsgerechtigd), pas afgestudeerden, laatstejaarsstudenten, leerlingen van het laatste jaar secundair onderwijs of werkzoekende personen van wie het enig inkomen, het bestaansminimum is, dewelke zelf het bewijs dienen te leveren dat ze voor vrijstelling in aanmerking komen en dat de bescheiden waarvoor ze de belastingvrijstelling vragen, bij het solliciteren nodig zijn;
  • alle akten of getuigschriften, opgemaakt en afgeleverd voor de uitvoering van de wet betreffende het herstel van zekere schade, veroorzaakt aan private goederen;
  • het conformiteitsattest dat wordt afgeleverd voor een woning die nieuw ingehuurd wordt door het sociaal verhuurkantoor;
  • het conformiteitsattest dat ambtshalve wordt afgeleverd voor een woning. 

De belasting is niet toepasselijk voor de afgifte van stukken die krachtens een wet, een koninklijk besluit of een overheidsverordening reeds aan de betaling van een recht ten behoeve van de gemeente onderworpen is. Uitzondering wordt gemaakt voor de rechten die de met het afgeven van reispassen belaste gemeenten ambtshalve toekomen. 

Art. 6.-  Het bedrag van de belasting dient contant te worden betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs bij aanvraag, eventueel vermeerderd met eventuele verzendingskosten. 

Als de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting een kohierbelasting. 

Art. 7.- De belastingschuldige kan tegen deze belasting een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. 

Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, gemotiveerd en ondertekend zijn. 

Het bezwaarschrift moet, op straffe van verval, worden ingediend binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum van de contante inning van de belasting, of wanneer de belasting een kohierbelasting wordt, binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. 

Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding verstuurd, binnen vijftien kalenderdagen na de indiening ervan. 

Art. 8.- Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het Decreet van 30 mei 2008, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstukken 1, 3, 4, 6 tot en met 9bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en artikel 126 tot en met 175 van het uitvoeringsbesluit van dat wetboek van toepassing, voor zover ze niet specifiek de belastingen op de inkomsten betreffen. 

Art. 9.- De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het Lokaal Bestuur. 

Het reglement wordt afgekondigd en bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, §1 en 287 van het Decreet over het Lokaal Bestuur.