Gelet op het Decreet lokaal bestuur;
Gelet op het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg, zoals gewijzigd;
Gelet op het Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 houdende de minimum afmetingen en bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens;
Gelet op het dienstorder MOW/AWV/2018/4 van 9 april 2018 inzake de informatie en bewegwijzering op autosnelwegen en andere gewestwegen;
Overwegende dat permanente bewegwijzering dient te worden aangevraagd bij de diensten van het lokaal bestuur; dat de wegbeheerder bevoegd is tot het al dan niet verlenen van een goedkeuring hiervoor;
Overwegende dat de aanvragen m.b.t. gewestwegen door het lokaal bestuur worden bezorgd aan het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) ter goedkeuring;
Overwegende dat voor aanvragen m.b.t. gemeentewegen de beslissingsbevoegdheid ligt bij het lokaal bestuur; dat hiervoor rekening dient gehouden te worden met het wettelijk kader omtrent de afmetingen, kleuren, symbolen, plaatsing, … van het verkeersbord alsook de wettelijk bepaalde voorwaarden tot eventuele plaatsing;
Overwegende dat het plaatsen van de betreffende bewegwijzeringsborden dient te gebeuren overeenkomstig artikel 71 van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg, zoals gewijzigd;
Overwegende dat de gemeente zelf bijkomende voorwaarden kan stellen voor de inwilliging van de aanvraag van permanente bewegwijzering; dat het niet aangewezen lijkt om permanente bewegwijzering toe te staan aan alle lokale ondernemers en organisaties omwille van de overzichtelijkheid van het straatbeeld en de leesbaarheid van de verkeersborden; dat de gemeente het opportuun acht om permanente bewegwijzering toe te staan voor toeristische bestemmingen, aangezien kan worden aangenomen dat de streek niet bekend is voor de bezoekers van deze bestemmingen; dat bijkomend ook korte keten permanent kan worden bewegwijzerd; dat het bestuur permanente korte keten (niet seizoensgebonden) vooreerst wil stimuleren, omdat het een duurzaam afzetsysteem betreft waarbij een rechtstreekse relatie bestaat tussen de teler en de consument; dat de teler bovendien veelal niet in de dorpskern gesitueerd is, waardoor bewegwijzering ten behoeve van de consument aangewezen lijkt;
Overwegende dat het omwille van de overzichtelijkheid van het straatbeeld en de leesbaarheid van de verkeersborden aangewezen is om het aantal aanwijzingsborden te beperken en per bestemming slechts twee aanwijzingsborden toe te laten;
Gelet op de bespreking;
Gelet op de stemming over het agendapunt, hetwelk wordt aangenomen met 18 ja-stemmen bij 2 onthoudingen (ja-stemmen: Wim De Visscher, Dorien Cuylaerts, Bob Van den Eijnden, Karl Geens, Peter Janssens, Bert Vangenechten, Lieven Van Nyen, Stefan Maes, Zoë Wouters, Kevin Druyts, Jurgen Van Leuven, Sabine Fransen, Karel Godet, Danny Eelen, Bart Van De Mierop, Lut Backx, Diede Van Dun, Aline Maes; onthoudingen: Jack Jacobs, Jeroen Ooms);
Art. 1.- Toepassingsgebied
§1. Voor de toepassing van onderhavig reglement wordt verstaan onder:
1° permanente bewegwijzering: bewegwijzering zoals omschreven in artikel 71 van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg, zoals gewijzigd. Bij onduidelijkheid oordeelt het college van burgemeester en schepenen hierover;
2° korte keten: een onderneming waar de teler rechtstreeks producten te koop aanbiedt aan de consument;
3° aanvrager: de vertegenwoordiger van de bestemming waarvoor de bewegwijzering wordt aangevraagd.
§2. Onderhavig reglement is van toepassing op permanente bewegwijzering die niet op initiatief van de gemeente langsheen gemeentewegen wordt voorzien.
Art. 2.- Voorwaarden
§1. Permanente bewegwijzering op gemeentewegen wordt slechts toegestaan voor een toeristische bestemming en voor korte keten.
§2. Per bestemming worden maximum twee aanwijzingsborden toegestaan.
Art. 3.- Aanvraag
De aanvraag voor permanente bewegwijzering dient ingediend te worden bij gemeente en bevat minstens volgende informatie:
- Naam van de bestemming;
- Adres van de bestemming;
- Omschrijving van de activiteit(en) van de bestemming;
- KBO-nummer van de bestemming;
- Contactgegevens, te weten naam, telefoon- en/of GSM-nummer, e-mailadres en postadres van de aanvrager;
- Eenduidige omschrijving van de gewenste bewegwijzering, tekst en locatie(s) (inclusief situatieschets), conform de bepalingen in artikel 71 van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg, zoals gewijzigd, en de voorwaarden in onderhavig reglement.
Art. 4.- Behandeling van de aanvraag
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de behandeling van de aanvraag en beslist binnen de grenzen van onderhavig reglement over de goedkeuring of weigering van de aanvraag.
Het college van burgemeester en schepenen houdt hierbij o.m. rekening met (niet-limitatieve lijst):
- de regelgeving en de voorwaarden in onderhavig reglement;
- de meest geschikte reisroute;
- de verkeersveiligheid;
- de goede inrichting van het openbaar domein;
- …
De goedkeuring van de aanvraag is precair en kan te allen tijde gemotiveerd worden ingetrokken om redenen van openbaar belang, zoals bijvoorbeeld de heraanleg van het openbaar domein, zichtbaarheid i.f.v. de verkeersveiligheid (niet-limitatief).
Art. 5.- Plaatsing
Na goedkeuring van de aanvraag door het college van burgemeester en schepenen wordt de permanente bewegwijzering geplaatst door de gemeentelijke diensten. De gemeente behoudt zich het recht voor om dit uit te besteden.
Art. 6.- Onderhoud en herstellingen
§1. Het onderhoud van de permanente bewegwijzering is ten laste van de gemeente. De gemeente behoudt zich het recht voor om dit uit te besteden of om hiervoor een samenwerking met verenigingen aan te gaan.
§2. Bij schade aan de permanente bewegwijzering die verder strekt dan normale slijtage oordeelt het college van burgemeester en schepenen of een herstelling noodzakelijk is al dan niet na melding door de aanvrager.
Art. 7.- Verplaatsing
§1. De gemeente behoudt zich het recht voor om de permanente bewegwijzering op haar kosten te verplaatsen in functie van de goede inrichting van het openbaar domein (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, bij wegenwerken). Daarbij wordt het doel van de permanente bewegwijzering, met name vindbaarheid/bereikbaarheid ten behoeve van consumenten en/of bezoekers, in acht genomen.
§2. Voor de verplaatsing op verzoek van de aanvrager (bijvoorbeeld bij verhuis van de bestemming binnen het grondgebied van de gemeente) moet een nieuwe aanvraag worden ingediend.
Art. 8.- Verwijdering
§1. Het verwijderen van de permanente bewegwijzering gebeurt steeds door de gemeentelijke diensten:
- na vaststelling van onherstelbare schade;
- na vaststelling van stopzetting van de activiteiten die aanleiding geven tot de permanente bewegwijzering;
- na verzoek van de aanvrager (bij melding van de stopzetting van de activiteiten, bij verhuis van de bestemming e.a.);
- na plaatsing op eigen initiatief zonder voorafgaande toelating door de gemeente.
§2. Na vaststelling van onherstelbare schade kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om de permanente bewegwijzering op haar kosten te verwijderen.
De gemeente meldt dit aan de aanvrager. Deze kan vervolgens een nieuwe aanvraag indienen, indien gewenst.
§3. De aanvrager is ertoe gehouden het beëindigen van de activiteiten ten behoeve waarvan de permanente bewegwijzering werd geplaatst te melden aan de gemeente binnen een termijn van 30 kalenderdagen, waarna de gemeente op haar kosten de permanente bewegwijzering zal verwijderen.
Bij gebreke aan tijdige melding van beëindiging van de activiteiten behoudt de gemeente zich het recht voor om de permanente bewegwijzering te verwijderen op kosten van de aanvrager.
§4. Op eenvoudig verzoek van de aanvrager zal de gemeente op haar kosten de permanente bewegwijzering verwijderen.
§5. Degene die op eigen initiatief, zonder voorafgaande toelating door de gemeente, bewegwijzering heeft geplaatst, dient de verwijdering ervan door de gemeente zelf te bekostigen.
Art. 9.- Eigendom
De gemeente blijft te allen tijde eigenaar van de permanente bewegwijzering, waaruit volgt dat de aanvrager geen enkel beschikkingsrecht kan inroepen. De gemeente behoudt zich dan ook het recht voor om de permanente bewegwijzering te vernietigen na verwijdering ervan.
Art. 10.- Slotbepalingen
§1. In geval van onduidelijkheden oordeelt het college van burgemeester en schepenen over de toepassing van onderhavig reglement.
§2. Onderhavig reglement treedt in werking op 1 oktober 2022.
§3. Onderhavig reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, §1 en artikel 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van de bekendmaking van het reglement.